25-10-2009

Bijbelzondag 2

gemeentezondag 1

gemeentezondag2

gemeentezondag3

gemeentezondag4

       

gemeentezondag5

beginpagina

 
   

Organist dhr. G.Boor

   

    

Nieuwe 'vuurtoren'

nieuwe hoek 'Nederlands Bijbelgenootschap'

   

De tafel is gedekt

   

   
   

Een nieuwe tafel voor Roemenië

   

  

 Detail van deze tafel met o.a. kaarten  uit de omgeving Amerongen als  Kerstkaarten  8 st. 5 euro

   

Steek een kaars aan in het duister

Laat het licht toe in je hart

Maak je handen niet tot vuisten

Streel maar zacht wat is verhard

 

Steek een kaars aan in het duister

En zaai vrede waar je gaat

Strek je armen uit en luister

Naar de mens die naast je staat

 

Steek een kaars aan in het duister

Eer wat kwetsbaar is en klein

Ga gelukkig tot het  uiterst,

Laat waar jij bent liefde zijn.

   
   

Door  de  werkzaamheden  aan het front van de kerk was de vlaggenstokhouder er even niet !
Maar voorlopig nog even op zijn kop

   

Zo werd men door de  beamer  welkom geheten in de kerk.

Met de uitleg

Het voor deze  Gemeentezondag samengestelde koor door en o.l.v. Gé Visser

Gemeente van onze Here Jezus Christus
Vanmorgen gaat het over niet kunnen zien.
Hoe goed mensen zich tegenwoordig ook redden en hoeveel mooie voorzieningen er zijn, toch…

Piet Schouten, weet u nog dat hij altijd vlak voorin zat, de laatste jaren? Ook hij zag niets meer, blind geworden door een plotselinge oogziekte. We zongen prachtige liederen, uit het liedboek, uit de liederenmap, uit Tussentijds, uit Alles Wordt Nieuw.
Alles werd geprojecteerd op het scherm voor in de kerk, zodat iedereen het kon zien. Nou ja, iedereen…
Bij een enkel lied, brak er een glimlach door op het gezicht van de oude Schouten. Een bekende psalm, De Heer is mijn Herder, ‘k Wil U, o God, mijn dank betalen…, God enkel licht…

 Jezus is onderweg naar het Paasfeest te Jeruzalem. Samen met vele anderen. Jericho ligt op de route, een heerlijke halteplaats voor de pelgrims, een oase waar men al even kan proeven van het einddoel van de reis. Daar gaan ze, de pelgrims, met die bijzondere man in het midden. De ene poort in, de andere weer uit.
En in die andere poort zit die zoon van Timeus. Bartimeus. Hij is blind, daardoor niet in staat om in zijn eigen onderhoud te voorzien en daarom bedelaar. Overgeleverd aan de goedgeefsheid van mensen.
Z’n gehoor is nog goed. En hij roept.

Hij heeft over Jezus gehoord, die messiaanse man, door wiens goddelijke krachten blinden en doven, melaatsen en lammen genezing vinden.
En wat hij roept is heel bijzonder. Hij verbindt twee werelden door Jezus twee namen te geven die in dit evangelie nog niet eerder hebben geklonken.
Met ‘Jezus van Nazaret’ spreekt hij Hem aan als een mens als hijzelf, met een eigen naam en een afkomst en blijkbaar ook als man met een reputatie.
Maar als ‘zoon van David’ projecteert hij in deze voorbijganger een toekomstverwachting waar je u tegen zegt. Want waren het niet de profeten, die na al de mislukkingen met foute koningen en dominees des te meer steeds het visioen levend hielden van een nieuwe koning, een echte David, die naar zijn vader zou aarden en het Rijk van vrede en gerechtigheid stichten?
En volgens Jesaja behoorde het tot de beleidsdaden van deze droomkoning dat hij lammen zal laten lopen en blinden de ogen zal openen…En wat roept Bartimeüs? Eleison me. Heb medelijden met me, erbarme dich, wees mij genadig…..Die roep kennen we uit de Psalmen. Het is een roep rechtstreeks tot God. Maar door deze woorden hier tot Jezus te richten, demonstreert Bartimeus zijn hoop, dat in deze Jezus God zelf werkzaam zal zijn en hem zicht op een nieuwe toekomst gegeven wordt. Bartimeus: de kyrie eleison – roeper. Zijn roep heeft een vaste plaats gekregen in de liturgie van de kerk!

Na wekenlang voorzichtige gesprekken en na maandenlang aandringen van haar zoon, kwamen ze eindelijk bij mij thuis.
Haar volwassen zoon was wanhopig opvang aan het zoeken voor z’n immer klagende, ziekelijke en depressieve moeder. Er waren toch wel verzorgingstehuizen waar ze met alle liefde die zorg kon krijgen die ze nodig had? Hij zag het niet meer zitten, op zijn werk begon men steeds meer te mopperen dat hij zo vaak niet bereikbaar was. En thuis, moeder woonde al tijden bij hen thuis, bereikte men ook het kookpunt.
Ze verzwolg haar zoon met haar hulpeisen en dwong hem emotioneel vaak bij haar te zijn.
We overwogen verschillende mogelijkheden. En die waren er genoeg. Zelfs vlakbij, een prachtig verzorgingstehuis waar ze zo naar toe kon. Maar de moeder zag overal om zich heen fouten en gebreken, niets en niemand voldeed. Na een uur zei ze triomfantelijk tegen haar zoon: zie je nou wel, hij kan ook niks voor ons doen!
Maar de waarheid was dat zij niet geholpen wenste te worden. En zo bleef ze die erge slachtofferrol voor zichzelf opeisen, ten koste van haar zoon en iedereen in diens directe omgeving!

Jezus vraagt de blinde Bartimeus: Wat wilt u dat ik voor u doe?
Wil jij je huidige leven opgeven? Ben je bereidt een complete make-over mee te maken? Zelfstandig in je onderhoud te voorzien en niet meer afhankelijk te zijn van anderen?
Die moeder wilde alles zo laten als het was.
Maar de blinde Bartimeus springt omhoog, gooit zijn bedelaarsmantel van zich af alsof ie de oude mens aflegt en opnieuw geboren wil worden en loopt naar Jezus… vol vreugde en vol verwachting.
Prachtig, deze scène. Marcus vertelt ons niets over een genezende handeling of wat dan ook. Nee, alle aandacht ligt op de activiteit van Bartimeüs: zijn belijdenis, zijn opstanding, zijn terugkeer uit de ballingschap van zijn blindheid.
Wat kunnen wij met dit verhaal? Wij worden niet blindgeboren. Maar dat wil niet zeggen, dat je meteen goed kunt zien. Pasgeborenen slapen vooral, moe van al het gedoe van ter wereld komen. Ze houden hun ogen dicht. Wordt een baby wat wakkerder, dan kijkt het vooral naar contrasten, tussen licht en donker. De contouren van iemands gezicht. En naar uitgesproken kleuren. Een baby ziet dan wel van alles, maar weet nog niet wat het allemaal is, wat het betekent. Dat vreemde ding bijvoorbeeld, dat steeds voorbij komt fladderen… Een baby moet leren ontdekken, dat dat een handje is, en dan ook nog zíjn handje. Bij dat leren zien doen alle andere zintuigen mee. Ze stoppen van alles in hun mond. Ze proeven, ruiken, voelen – en zo leren ze zien.
Mensen die geloven, die dat proberen – wij, die in geloof als het ware nieuw geboren zijn, moeten ook opnieuw leren zien. En daar blijven we ons hele leven mee bezig.
Het gaat allereerst om leren kijken met verwondering.                        
Zo kijken, dat wij het wonder van de ons omringende wereld gaan zien. Leren zien betekent ook: oog krijgen voor recht en onrecht
 

Dat vraagt om een bepaalde zienswijze, waar ieder aanleg voor heeft, maar die je ook moet oefenen en bijhouden. Het gaat erom dat je je ogen gericht houdt op Gods koninkrijk en zijn gerechtigheid.
Leren kijken in geloof houdt ook in: met aandacht leren kijken.  Mensen of situaties niet te gauw over het hoofd zien. Niet te snel wegkijken.
Hoe is dat als je letterlijk blind bent, of slechtziend. Wat kun je hier dan mee? Wat moet je dan met metaforen als ‘werken der duisternis’, ‘blinde woede’, ‘een donker gezicht’? En wat doet zo’n genezingsverhaal jou dan, dat wij zo onbekommerd bepreken?
Voor haar twee blinde vrienden schreef iemand een blessing, een zegenbede. Het is een compilatie van allerlei bekende Bijbelteksten, waarbij zij de beelden en de taal zo gebruikt, dat haar blinde vrienden zich erin kunnen herkennen. Ik lees deze zegenbede jullie graag voor:

En de duisternis van God zal je tot zegen zijn
en de nacht wordt voor jou een pad.
En gaan zul je, lopen met vreugde en blijdschap
en rennen zal je, je hoofd omhoog.

En geen gevaarlijk beest zal je aanvallen
en geen onreine voorwerpen liggen voor je voet
Want engelen gaan mee wanneer je verder trekt
en ze beschermen je onder de schaduw van hun vleugels.

Totdat je eindelijk de poort van de hoop bereikt
en binnengaat over de drempel van genot
om verwelkomd te worden in de stad van de vrijheid
en om je leven te ruste te leggen in de hallen van liefde.

En daar zal je koninklijk feest vieren
en zitten aan het banket van de liefde
En je naam zal je horen, met aandacht genoemd
en je komt binnen in de duisternis en blijdschap van God.
En de blinde zal je brengen in Gods verbijsterende duisternis
en de dove zal je brengen in Gods zwijgende duisternis
en de sprakeloze zal je brengen in Gods welsprekende duisternis
en de lamme zal je brengen in Gods dansende duisternis

Want in die stad zal geen lamp schijnen
geen zon of maan verlicht de hemel.
Want de duisternis van God verlicht elke droefenis
vervult ieders oog.
En de volheid van goddelijke glorie overschaduwt elk verlangen
en het geheim van goddelijke schoonheid stilt elke wens

En zo zal Gods duisternis voor jou tot zegen zijn
en de schaduw van God wordt voor jou
een licht schoner dan de dageraad
een lamp helderder dan de zon.
En dat je blind bent wordt teken van je vertrouwen
en God bezegelt zijn vertrouwen
door de ster van de eeuwige nacht.

(Uit ’A book of blessings’, 130, Ruth Burgess, Wild Goose Publications, Iona Community, Glasgow. Vert. Roel A.Bosch)

Bovenstaande preek werd gehouden door ds. F.W. Kuipers

 Fransje Lammers als  de spreekster  voor deze gelegenheid aan het woord.

Na de dienst, waarin niet gefotografeerd, was het koffie drinken met cake, appelgebak,enz.

 

 

Ook de jeugd liet het zich smaken

 

 
 

 

Door op een blauwe hyperlink te klikken komt u op een volgende of vorige pagina

gemeentezondag 1

gemeentezondag2

gemeentezondag3

gemeentezondag4

       

gemeentezondag5

beginpagina