Kerstspel in de Johanneskerk  1

op 25-12-2008

   

Vol verwachting tikt de klok (1)

 

 

volgende pagina
naar de beginpagina

 

De spelers van het kerstspel zitten allemaal bij elkaar. Ze hebben ook de tekst bij zich voor als het nodig is.

Van links naar rechts: Maria, de herderin, Johannes de Doper, de deurwachter.

   
   

Twee engelen met Maria van de kribbe

   

Jozef en Maria

   
   

Rechts de verteller. De engelen bespelen de muziekinstrumentjes, die o.a. zorgen voor het geluid van de klok.

   

Tijdens de kerstdienst gaat ds. Corine Beeuwkes-van Ede voor
De kaarsen worden aangestoken

   

Ook de kerstkaars (Ik ben het licht)

   

   

En dan kan het verhaal beginnen: Links Alexander de klokkenmakersleerling en rechts Joachim de klokkenmaker
Ze werken in een werkplaats van het dorpje Tikat.

   

Meneer Joachim begrijpt niet waarom de klok die hij gerepareerd heeft het niet doet.
Alexander doet de suggestie om de klok op te winden. Meneer Joachim zegt: Ach wat stom van me.
Wind jij hem maar even op. En dan doet hij het inderdaad.

 

Er wordt een kapotte klok gebracht door mevrouw Sophie

 

Meneer Joachim bekijkt hem uitvoerig en mevrouw Sophie hoopt dat de klok gemaakt kan worden.

 

Mevrouw Sophie vertelt hoe de klok werkt, aan meneer Joachim.

 

De verteller (rechts) vertelt over de bijzondere klok. Het is een klok van verwachting.
Telkens als de klok het hele uur slaat komen er bijbelse figuren naar voren door het luikje.
Om één uur verschijnt de deurwachter met zijn lantaren, die dag en nacht de wacht houdt voor als zijn meester thuiskomt.

Om twee uur verschijnt Johannes de Doper, de voorloper van de Here Jezus

 

Om drie uur verschijnt Maria

 

Om vier uur komt er een herderin te voorschijn

 

En dan begint het weer op nieuw: om vijf uur komt de deurwachter
De oom van wie ze de klok heeft geërfd, vertelde dat die vier bijbelse figuren achter het luik ook vertellen wat ze verwachten.
Maar hoe of wat dat precies is weet mevrouw Sophie niet.

 

Want ze komen alle vier wel te voorschijn achter het luik, maar ze zeggen niets.
De klokkenmaker en zijn leerlingen bekijken de klok uitvoerig. Het vreemde is dat de klok wel gewoon loopt.
En het luikje gaat ook gewoon open. Maar er is geen geluid. Ze halen de klok uit elkaar, maar kunnen niets verkeerds vinden.

 

Weet u wat meneer Joachim, zegt Alexander.  Ik ruim hier de boel wel op en gaat u dan maar naar huis.

 

Wat is dat voor een geluid? Het lijkt wel een klok die slaat. Er klinkt zachtjes een lied.
De deurwachter verschijnt.

 

Alexander is in slaap gevallen maar hij wordt wakker van het zingen

Wat al eeuwen is verteld,waarvan wij ook dromen,
wat door velen is voorspeld, gaat dat nog eens komen?
Wanneer eindigt toch de nacht, komt de tijd door ons verwacht,
breekt het licht zich baan, vangt de vrede aan?
God wanneer, ja wanneer,
gaan de tijden keren en zult u regeren? 
(Geroepen om te zingen 36, mel Midden in de winternacht)

Alexander wordt wakker, staat op en kijkt om zich heen. Waar komt het geluid vandaan? De deurwachter.
Maar die duikt net weg achter het luik. Hij heeft het zeker niet goed gehoord.

 

Hij legt zijn hand onder zijn hoofd, en hij is zo moe dat het niet lang duurt tot hij in slaap valt.

 

Dan slaat de klok twee keer. Tegelijk klinkt er een lied:
Advent is dromen dat Jezus zal komen, dromen van vrede, voor mensen van heden.  (projectlied AWN deel 4 lied 13)

 

Advent...Als Alexander wakker wordt kijkt hij naar de klok: dáár kwam de muziek vandaan. Maar dan stopt de muziek ook meteen weer.
Hij ziet Johannes de Doper, maar zijn mond blijft dicht. Hij hoorde het toch duidelijk. En wat zo raar is: Telkens als hij kijkt, houden de mensen achter het luik op met zingen. Maar misschien heeft hij zich vergist. Teleurgesteld gaat hij weer zitten en laat zijn hoofd zakken.

 
 

 

volgende pagina
naar de beginpagina