3
|
|
|
|
De tweede wandelroute Als het goed is, ziet u hierboven het
huis bij het beginpunt. (tegenover het hek) |
|
|
|
![]() |
| Plaatselijk
ziet u in deze strook een hout- of wildwal
(2). Deze heeft rondom dit oude
bouwlandcomplex gelegen. Deze wal met hout
beplant diende om het grote wild en het op
de heide grazende vee van de akkers te
houden. De houtwal werd aangelegd door het
graven van een greppel en met de vrijkomende
grond een wal op te werpen. De greppel lag
aan de kant van de woeste gronden, zodat de
dieren een grotere hoogte moesten
overbruggen om over de zeer dicht begroeide
wal te komen.
(foto boven en onder) |
Daar dit gebied nat is, (zie foto onder) zien we deze greppel links van de houtwal hier als een sloot. Het oostelijke bouw- landcomplex heet de Schevinchovense eng en behoort vanouds bij boerderij Schevinchoven. (zie ook wandelroute 1) Deze eng heeft een dik esdek (teelaardelaag) en deze is ontstaan door eeuwenlange bemesting met plaggenmest. De plaggenmest kwam o.a. uit de schaapskooi en bevat zandkorrels. Zodoende werd het oude bouwland millimeter na millimeter opgehoogd, hetgeen we nu een esdek noemen. Aan de linkerzijde van deze singel is het esdek dunner, wat aan de lagere ligging is te zien. Dit perceel is dan ook veel later ontgonnen dan de eng. |
![]() |
![]() |
|
We volgen de route
en komen op de doorgaande weg. Hier gaan we
rechtsaf en de eerste weg (Burg. v.d.
Boschlaan) linksaf. Deze weg volgen we,
laten het mausoleum links liggen
(geniet wel van het mooie aanzicht)
en gaan bij de Lom-
boklaan linksaf.
Als we op het
kruispunt staan, zien we beneden
een knikpunt in de weg. Dit is de scheiding
tussen de stuwwal (4) en de spoelzandwaaier
(3). (zie onder) |
We staan op de sterk hellende stuwwal en deze is in de ijstijd Saalien omhoogge- stuwd. Doordat het aan het eind van de ijstijd warmer werd, ontdooide de bovenlaag en is naar beneden gespoeld. Het gebied met deze afzettingen wordt een spoelzandwaaier of sandr genoemd. Op nr. 14 ziet u een permanent bewoond zomerhuisje daterend uit ca. 1920. Op nr. 25 treft u villa Halverhoogt aan en deze is onder architectuur van de Leersummer Aart Versteegh in ca. 1932 gebouwd. Voor de bouw werden mondklinkers gebruikt. Dat zijn stenen die dicht bij de vuurmond zijn gebakken en daardoor extra hard werden. Gaan we omhoog dan komen wij bij de Uilentoren (5). |
|
|
|
![]() |
|
|
Schematische voorstelling van het ontstaan van een stuwwal. (Rijks Geologische Dienst, 1984). |
|

![]()